Martinus

Historie van de H. Martinus in Itteren
Parochie.
Het bestaan van de parochie is aantoonbaar vanaf 1441, maar de patroonheilige St. Martinus doet een langer bestaan vermoeden. Het patronaatsrecht behoorde toe aan de heer van Hartelsteijn en de tienden kwamen toe aan het Kapittel van Onze Lieve Vrouw te Maastricht, dat ook belast was met het onderhoud van het schip en de toren van de kerk.

Kerkgebouw.
Van de geschiedenis van de kerk zijn nauwelijks bronnen. Een vage vermelding noemt 1568. Een eerste tekening dateert van ca 1670. Het schip van de huidige kerk werd in 1784 gebouwd in opdracht van het Kapittel van Onze Lieve Vrouw van Maastricht door de stadsbouwmeester Johannes Soiron. In die tijd was Johannes Loyens uit Hulsberg pastoor en deze bleef dit tot 1818. Zijn graf bevindt zich onder het schip van de kerk .
Deze kerk werd eerst op 6 juli 1855 geconsacreerd door Mgr. Vrancken, bisschop van Colophon en vicaris te Batavia, bijgestaan door Mgr. Paredis, de eerste bisschop van Roermond.

Ca. 1889 werd de kerk verlengd en gerenoveerd. Nu ontstond ook het gewelf in een romaanse of rondboogstijl (ton-gewelf). In 1926 werd de kerk nogmaals uitgebreid en nu met de beide transepten en een nieuw priesterkoor.
Kerk interieur
De kerkelijke organisatie.
De parochie viel tot 1561 onder het bisdom Luik. Daarna tot 1801 onder het oude bisdom Roermond. Op grond van het Concordaat van 1803 kwam ze weer bij het bisdom Luik en werd de kerk als hulpkerk bij Bunde gevoegd. In 1808 werd de parochie weer zelfstandig.

In 1840, na politieke omwentelingen in Europa, kwam de parochie onder het apostolisch vicariaat Roermond en het dekenaat Meerssen.
Thans valt de parochie onder het huidige bisdom Roermond en sinds 1976 onder het dekenaat Maastricht.
H. Martinus te paard
Als gevolg van de herstructurering van de parochies van het bisdom Roermond bestaat er vanaf 1999 een samenwerkingsverband van de parochie H. Martinus te Itteren en de parochie H. Cornelius te Borgharen. Thans nog als Federatie in de nabije toekomst als één parochie, en in groter verband wellicht samenwerkend met de parochies van Limmel en Nazareth.

Kunstbezit.
Uit het kunstbezit van de kerk aan de hand van een inventarisatie uit 1977 mag de aandacht gevestigd worden op:

hardstenen doopvont waarvan deksel dateert uit 1836
de orgelgalerij uit de 19e eeuw
een beeld van St. Anna te Drieën uit de school van Jan van Steffesweert (16e eeuw)
houten beeld van de H. Hilarius (17e eeuw)
beeld van de H. Martinus (17e eeuw)
beeldengroep van de H. Familie (19e eeuw)
beeld van Maria met Kind (19e eeuw)
gebrandschilderde ramen (ca 1930)
een 2-tal schilderijen
liturgisch vaatwerk.

St. Anna te Drieën

Hierbij dient aangetekend te worden dat van oude interieur van de kerk en de liturgische voorwerpen veel verdwenen is tussen 1965 en 1970.