Historie van de
H. Cornelius in Borgharen
De oorsprong van de parochie is niet met zekerheid bekend.
Uitgaande van de patroon, de H. Martinus, wordt vermoed dat deze teruggaat
op de Frankische tijd. Een eerste vermelding vinden we in het schatregister
van de hertog van Brabant en is gedateerd 1441. De relatie met het
kasteel en de heerlijkheid Borgharen kan een indicatie zijn om te
denken aan de 12e eeuw. Kerkgebouw.
Over de geschiedenis van het kerkgebouw zijn weinig gegevens bekend.
Bij de bouw van de huidige kerk zijn resten gevonden die wijzen
op de Romeinse tijd. Vermoedelijk is er een gotische kerk uit mergel
opgetrokken op het einde van de 15e eeuw. Aangenomen wordt dat er
voor die tijd een Romaanse voorganger heeft bestaan.
De huidige kerk is gebouwd in 1887 en in gebruik genomen in 1888.
De plechtige consecratie vond plaats op 23 september 1888 door Mgr.
Boermans, bisschop van Roermond.
Deze kerk werd uitgebreid en gerestaureerd rond 1963 onder pastoor
Rothkrans. In deze tijd zijn ook veel oude inventarisstukken opgeruimd.
De kerkelijke organisatie.
De parochie Borgharen behoorde tot 1561 bij het bisdom Luik. In
dit jaar kwam ze onder het bisdom Roermond en het dekenaat Valkenburg.
Bij het concordaat van 1803, in de tijd van Napoleon, werd ze weer
toegewezen aan het bisdom Luik. Deze situatie duurde tot 1840.
Vanaf deze tijd viel de parochie onder het apostolisch vicariaat
Roermond, sinds 1853 het bisdom Roermond en het dekenaat Meerssen.
Na de gemeentelijke herindeling in 1971 ging de parochie deel uit
maken van het dekenaat Maastricht.
Tijdens de Middeleeuwen was de geschiedenis van de parochie nauw
verbonden met die van het kasteel van Borgharen en daardoor met
de sinds de 12e eeuw bekende heerlijkheid Borgharen.
De heer van Borgharen bezat het patronaatsrecht en deze moest ook
zorg dragen voor de bouw en het onderhoud van het schip van de kerk.
In de oude parochiekerk bevond zich sinds 1420 een slotkapel. Ook
was in deze kerk een grafkelder van de katholieke heren van Borgharen,
hoewel het bestaan hiervan niet meer te zien is. Wel moet zich aan
de muur van het kerkhof, volgens overlevering nog een ingang naar
een oude grafkelder bevinden.
In de tijd van 1647 tot 1678, onder Philibert van Isendorn was Borgharen
onder protestants bewind. Dit had ingrijpende gevolgen voor de kerk.
Deze werd verbouwd tot simultaan-kerk voor katholiek en protestants
gebruik. De financiële draagkracht van de parochies Borgharen en
Limmel was zodanig dat deze beide parochies met elkaar verbonden
werden onder één pastoor. Deze situatie is gebleven
tot 1834 toen, door besluit van koning Leopold I van Belgie, Limmel
een zelfstandige parochie werd.
Historische wetenswaardigheden.
In 1905 werd de Broederschap van de H. Cornelius opgericht door
Mgr. Boermans, bisschop van Roermond. De verering van de H. Cornelius
gaat aanwijsbaar terug tot augustus 1773.
In 1979 werd de naam van de patroon van de parochie gewijzigd van
Martinus in Cornelius.
Sinds 1847 was er in Borgharen een openbare Lagere School.
In 1927 stichtten de Zusters Franciscanessen van Roosendaal een
klooster. Hierbij werd een bijzondere lagere school opgericht en
later er mee verbonden een kleuterschool en een huishoudschool.
Voor de armenzorg kende Borgharen vanaf 1877 een R.K. Armenbestuur
St. Martinus. De taak van de “bedeling”werd echter steeds
verzorgd door het gemeentebestuur.
Kunstbezit.
Met de renovatie en herinrichting van de kerk rond 1963 is bijna
alle kunstbezit verdwenen.
In de tachtiger jaren van de vorige eeuw zijn er een aantal niet
passende altaarstukken geplaatst.
Deze zullen echter weer verwijderd worden, zodat in de kerk de oorspronkelijke
vormgeving en het authentieke lijnenspel weer herkenbaar zijn.
Van het overgebleven kunstbezit kunnen genoemd worden:
- de doopvont (15e eeuw)
- twee luidklokken (1699)
- het houten (borst-)beeld van de H. Cornelius (18e eeuw)
- twee reliëfs H. Cornelius (ca 1900)
- een aangekleed beeld van Maria met Kind (staakmadonna ca 1845)
- glas in lood ramen van François Nicolas (ca 1890-1900)
- vier beelden van de Evangelisten (ca 1910 afkomstig van de
voormalige preekstoel)
- een houten knielbank (ca 1900)
- liturgisch vaatwerk en andere voorwerpen (ca 1850)
- enkele vaandels en paramenten.
In dit verband kan ook nog gewezen worden op enkele oude grafstenen
(1535 en 1720)
Als bezienswaardigheid geldt het verguld bronzen borstbeeld van de H.
Cornelius dat tot stand is gekomen door de opbrengsten van de
koninginnemarkt.
|